
Ik heb al enige ervaring met het maken van botanische beschrijvingen voor Plant Patent aanvragen van verschillende geslachten, o.a.: snijbloemen, tuinheesters, siergras, klimplanten, enz.
Ik ben in 1960 geboren in Gouda, raakte geïnteresseerd in planten en ging naar de Tuinbouwschool in Boskoop afgerond met diploma A&O.
Na mijn militaire dienst in Duitsland heb ik enkele tuinen in de regio Gouda aangelegd en werkte ik parttime in de “Goudse Zaadwinkel” van Zwaan, in Gouda beter bekend onder de naam van de vorige eigenaar “Verbree”. Later heb ik nog diploma bloembinden gehaald en “enkele trouwerijen gedaan.”
In 1985 begon ik met mijn functie als hooftuinman van de afdeling Farmacognosie van de Universiteit Leiden. Door het gebruik in wetenschappelijke publicaties van de wetenschappelijke staf raakte ik geïnteresseerd in nomenclatuur en taxonomie. In latere jaren werd de afdeling ICRA voor Catharanthus, ikzelf was de registrator. Belangrijke onderzoeksplanten waren o.a. Catharanthus, Tabernaemontana, Apiaceae, Cannabis en Humulus.
Rond 1988 raakte ik geïnteresseerd in Clematis en bezocht ik op zaterdag de collectie van Jan Fopma in Boskoop. Het begin van een nog steeds voortdurende vriendschap met Jan (*15 september 1928 -†30 oktober 2018).
Jan had Clematis verzameld van in die tijd beroemde clematis kwekers als Dr F.L. Skinner in Canada, Magnus Johnson in Zweden, Mw Dr Beskaravainaja in Rusland, Jim Fisk in Engeland, enz. In de collectie van Jan begon ik met het maken van dia’s, beschrijvingen en herbarium. Jan vond het prima dat ik Clematis ging veredelen. Reden was vooral dat ik de indruk kreeg dat gepubliceerde ouders van cultivars niet klopte en “iedereen schrijft maar over wat iedereen schrijft.” Dus als eerste was een roze ‘Durandii’ het doel en het controleren van de gepubliceerde ouders zoals van Clematis ‘Aromatica’.
In 1996 ging Jan Fopma met pensioen en zijn clematisbedrijf en collectie werden overgenomen door Jan van Zoest die op dat moment al een clematiskwekerij had in Boskoop. Ik verhuisde met de zaterdaghobby mee en kon dus doorgaan op de nieuwe locatie.
In 2003 ben ik op de kwekerij van Jan van Zoest gaan werken omdat de Universiteit Leiden moest bezuinigen en Farmacognosie werd gekozen om te stoppen. 31 augustus 2022 was mijn laatste dag in dienst van Clematiskwekerij J. van Zoest B.V.
Naast de vele artikelen die ik publiceerde over Clematis deed ik ook een onderzoek naar Agapanthus, als tussendoortje, geholpen door Kees Duivenvoorde. Mijn boek Agapanthus werd in 2004 gepubliceerd door Timber Press in samenwerking de KVBC, Koninklijke Vereniging voor Boskoopse Culturen.
Grootste interesse vandaag de dag is de cultivar groep classificatie van Clematis omdat ik na vele jaren van veredelen de relaties tussen de cultivars en groepen goed begrijp. In december 2008 heb ik hierover privé een boek uitgegeven. Mijn belangrijkste opvatting is dat cultivars moeten worden geclassificeerd op basis van hoe ze eruit zien en niet op basis van hun veronderstelde oorsprong of veronderstelde ouders.
Door mijn ervaring met cultivargroepen heb ik met Hanneke van Dijk samengewerkt voor de cultivargroepen voor Galanthus, in 2011 gepubliceerd in het boek van Hanneke met de titel Galanthomania.
Herbarium verzamelen is een andere hobby. Ik ben zelf begonnen met het drogen en maken van herbarium nadat ik bij het Nationaal Herbarium Nederland in Leiden herbarium had gezien dat Linnaeus ook had gezien en gebruikt heeft voor zijn Species Plantarum in 1753. Over de loop van de jaren heb ik meer dan 7000 herbarium exemplaren van Clematis gemaakt. Tegenwoordig maak ik van planten uit de eigen tuin herbarium en bij de fa. Esveld in Boskoop heb ik veel herbarium gemaakt van de Acer collectie.
In 2017 ben ik door een paar mensen benaderd, onafhankelijk van elkaar, of ik botanische beschrijvingen voor Plant Patent kon maken. Het is altijd de bedoeling geweest dit tijdens mijn pensioen te gaan doen maar vanwege de vraag toch alvast maar gestart.